Wat is slokdarmkanker?

Wat is slokdarmkanker?

Slokdarmkanker (ICD-9-code 150; ICD-10 code C15) is een kwaadaardige (maligne) tumor van de slokdarm. Er zijn twee typen:

Plaveiselcelcarcinoom: Deze tumor vormt zich uit de cellaag die de binnenkant van de slokdarm bekleedt en ontstaat vooral in het middelste en onderste deel van de slokdarm.

Adenocarcinoom: Deze tumor ontwikkelt zich uit cylindrisch epitheel, ook wel Barrett epitheel genoemd. Dit Barrett-epitheel komt voor bij circa. 10% van patiënten met een chronische blootstelling van de slokdarm aan etsend maagzuur. Door de chronische irritatie en bijbehorende ontsteking wordt de normale plaveisel cellaag vervangen door het zuur-resistente Barrett-epitheel. Dit Barrett-epitheel bevindt zich meestal in de onderste slokdarm dichtbij de maag alwaar de blootstelling aan maagzuur het grootst is (de gastro-oesophageale overgang). Het risico op kanker bij patiënten met Barrett-epitheel in de onderste slokdarm wordt geschat op circa 0,5-2% per jaar.

Meer over dit artikel op: stichting Help Bij Kanker

Nederland 3de op ranglijst slokdarmkanker

Nederland staat 3de op de ranglijst van Europese landen waar slokdarmkanker het meeste voorkomt, maakt het Wereld Kanker Onderzoek Fonds bekend. In Nederland wordt ieder jaar bij ongeveer 1.900 mensen, waarvan 1.400 mannen, slokdarmkanker ontdekt. Het aantal nieuwe gevallen stijgt en is sinds 1990 verdubbeld. Na 5 jaar is van de Nederlandse mannen nog maar 7,8 procent en van de vrouwen 10,2 procent in leven.

Het overlevingspercentage bij slokdarmkanker is laag aangezien de ziekte vaak pas laat klachten geeft en daardoor laat ontdekt wordt. Het is nog niet duidelijk waarom het aantal gevallen van slokdarmkanker in Nederland stijgt, maar wetenschappelijk onderzoek toont aan dat voeding en leefstijl een sterk verband hebben met het risico op slokdarmkanker.

Risicofactoren voor slokdarmkanker zijn onder andere de consumptie van alcohol, overgewicht en roken. Mensen die zowel alcohol drinken en roken vergroten hun risico nog verder. De meest voorkomende vorm van slokdarmkanker in Nederland is het adenocarcinoom. Voor deze vorm van slokdarmkanker is er een sterk verband met overgewicht.

De aanbevelingen van het Wereld Kanker Onderzoek Fonds zijn dan ook om een gezond gewicht te behouden, niet te roken en minder alcohol te drinken. Ook het eten van groente en fruit kan het risico op slokdarmkanker verlagen.

Volgens statistieken van de Wereldgezondheidsorganisatie krijgen jaarlijks 5,8 op de 100.000 mensen in Nederland slokdarmkanker. Het gemiddelde in Europa is 3,3 op de 100.000 mensen.

In de ranglijst van Europese landen waar slokdarmkanker het meeste voorkomt staan het Verenigd Koninkrijk en Ierland bovenaan met respectievelijk 6,4 en 5,9 gevallen per 100.000 mensen.

 

Het maag-darmstelsel bij de mens.
1=slokdarm, 2=maag, 3=dunne darm, 4=appendix, 5=Blindedarm, 6=dikke darm, 7=endeldarm, 8=anus

 De slokdarm of oesofagus is een onderdeel van het spijsverteringsstelsel. Alle zoogdieren en veel andere dieren hebben een slokdarm. De slokdarm is dat gedeelte van het maag-darmkanaal tussen de mond of bek en de maag.   De slokdarm is ongeveer 30 centimeter lang, heeft een gemiddelde diameter van 2 centimeter en begint aan de bovenkant in de farynx of keelholte om te eindigen aan de andere kant bij de maag. Er zijn vier vernauwingen in de slokdarm. De eerste, de bovenste slokdarmsluitspier, ligt op 15 centimeter van de tandenrij. De tweede en derde vernauwingen worden ontstaan bij het passeren van respectievelijk de linker bronchustak en de aorta. De vierde vernauwing ligt net boven de overgang van de slokdarm in de maag, op het niveau van het middenrif en wordt de onderste slokdarmsluitspier genoemd. De belangrijkste functie van de onderste slokdarmsluitspier is het afsluiten van de onderkant van de slokdarm, zodat het terugstromen van maaginhoud naar de slokdarm (reflux) voorkomen wordt.   De slokdarm zelf is bekleed met meerlagig niet-verhoornend plaveiselepitheel. De overgang van slokdarm naar de maag wordt gemarkeerd door een verschil in type epitheelcel en wordt de oesophagogastric junction of Z-line genoemd.   Twee spierlagen zorgen voor de peristaltiek van de slokdarm: een binnenste laag (circulair lopend) en een buitenste laag (van boven naar beneden lopend). In het bovenste een derde deel van de slokdarm bestaan deze buitenste spieren uit dwarsgestreepte spieren en in het onderste deel uit gladde spiercellen.

Be Sociable, Share!

Dit bericht is geplaatst in Slokdarm met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.